Medicijnen uit de computer
Het ontwikkelen van nieuwe medicijnen kost vele jaren. In de laboratoria van de geneesmiddelengiganten zoeken farmacologen dag en nacht naar nieuwe stoffen die een bepaalde ziekte in het menselijk lichaam heel gericht kunnen aanvallen. Met liefst zo min mogelijk bijwerkingen. Voor elk nieuw geneesmiddel moeten steeds honderden nieuwe stoffen worden bedacht en in een reageerbuis gemaakt; een tijdrovend proces.
Kostbare tijd ook, want elke maand dat je een nieuw medicijn eerder op demarkt kunt brengen, kunnen er zieke mensen mee worden geholpen.
Daarom krijgen de farmacologen nu de hulp van de computer. Aan de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) doet promovendus Peter Spijker met behulp van computersimulaties onderzoek naar de werking van medicijnen op het menselijk lichaam. Zijn doel: de werkzaamheid van nieuwe medicijnen door de computer laten voorspellen, waardoor fabrikanten sneller nieuwe geneesmiddelen kunnen ontwikkelen.
Om dat goed te kunnen doen, beperkt Spijker (TU/e-faculteit Biomedische Technologie) zich tot een klein onderdeel van het lichaam: de cel. In de computer heeft hij een heel klein stukje hiervan nagebouwd uit de kleinste bouwstenen van de natuur, atomen. Een paar honderd daarvan vormen samen het eiwitmolecuul, waarop een medicijn moet inwerken (zie afbeelding). Als je dat molecuul op de juiste manier ‘aan’ zet, kan het bepaalde processen in de cel gunstig
beïnvloeden. Op deze manier werken veel medicijnen.
Spijker laat de computer berekenen hoe moleculen van een bepaald medicijn inwerken op een speciaal soort eiwit in de cel. Extreem ingewikkelde berekeningen, die hoge eisen stellen aan de rekenkracht. Hij vertelt: „Om te berekenen wat dit kleine klompje moleculen hier precies doet, hebben 96 computers 4 etmalen staan rekenen.”
Maar het is al die moeite dubbel en dwars waard. Spijker: „Met dit soort simulaties hopen we straks veel sneller geschikte kandidaat-medicijnen te kunnen voorselecteren. Zodat je in plaats van duizend nieuwe stoffen je alleen de honderd echt kansrijke hoeft te maken. Daardoor zullen sneller nieuwe en betere medicijnen op de markt komen.”






